Terug naar Actueel

Franca Swinkels is pionier in de zorglandbouw geweest in de jaren rond de eeuwwisseling. Ze stond niet alleen aan de wieg van haar eigen zorgboerderij Klaterspeel, maar was mede oprichter van de Vereniging van Zorgboeren en was lid van de pilot voor het Kwaliteitssysteem Zorgboerderijen. Daarnaast was ze adviseur van Lambert van Nistelrooij voor het provinciale platform Zorgboerderijen in Noord Brabant, lid van landelijk netwerk Waardewerkers WUR en actief binnen het CDA en ZLTO. Tientallen zorgboeren kwamen langs om van haar te leren, net zoals zij zelf een voorbeeld had aan Paul van de Groes van De Cinquant in Haps (Noord-Brabant) en Germa Dings van De Asselterhof in Swalmen.

Ondanks dat er veel is opgebouwd en geregeld, denkt Franca dat de laatste stappen naar een volwaardige plek in de zorg nog gezet moet worden. “Terwijl de zorglandbouw iets unieks aanbiedt waar veel vraagt naar is, wordt het ondernemers nog altijd moeilijk gemaakt. Wat mij betreft wordt het Kwaliteitssysteem voor iedereen verplicht, maar volgt daarna ook een gegarandeerd inkomen.”

Deze opmerking vat haar struggles van de laatste 25 jaar goed samen. Franca zette zich altijd in om enerzijds de kwaliteit op haar eigen zorgboerderij, maar ook op die van collega’s, te garanderen én werkt zich een slag in de rondte voor een goed bestaan in combinatie met goede zorg. “Ik heb uitjes en versnaperingen altijd uit eigen zak betaald. Ik vind het belangrijk dat het erbij hoort, ook al kan het eigenlijk niet uit.”

Franca begon de zorgboerderij Maarheeze in 1999 nadat het bedrijf met varkens en volle grond tuinbouw van haar man Peter daarheen verhuisde vanwege Stadsuitbreiding in Helmond. “Dat heb ik altijd jammer gevonden, wat mij betreft had ik de zorgboerderij zo midden in de uitbreidingsplannen gehad.” Franca werkte destijds bij een instelling voor gehandicapten, maar had thuis in Maarheeze nog weinig te doen. “In Mierlo Hout zat ik in allerlei clubjes. Van de plattelandsvrouwen tot de kindervakantieweek, de kerk en de ZLTO. Ik houd ervan maatschappelijk bezig te zijn. In Maarheeze moest ik mijn draai nog vinden en besloot toen op advies van mijn leidinggevende in de instelling zelf iets op te gaan bouwen. We zaten met veel mensen in te kleine ruimtes, en vooral voor sommige cliënten was het erg duidelijk dat ze meer ruimte nodig hadden.”

Franca zag de documentaire over Paul van de Groes en luisterde geboeid naar gedeputeerde Lambert van Nistelrooij die vond dat er meer zorgboerderijen bij zouden moeten komen. “Dat was voor mij het laatste zetje om het thuis te gaan inrichten. Ik ben altijd al labradorfokker geweest, en die honden zijn erg geschikt om in te zetten in de zorg. Ik nam een cliënt uit de instelling mee, die de aanleiding was geweest voor mijn leidinggevende om mij te stimuleren voor mezelf te beginnen. De cliënt is er nog steeds en erg op zijn plek. Bij mij is veiligheid het belangrijkst, en leren door te ervaren. De veiligheid zit erin gehoord en gezien te worden. De honden spelen er ook een belangrijke rol in. De deelnemers hebben allemaal hun favoriet.

Wat leren betreft: we blijven constant dingen doen, zodat we de leerpunten steeds helder voor ogen hebben. Bijvoorbeeld eens op de fiets ergens heen of samen uit eten. Het is heel fijn als cliënten dat leren, dan kunnen ze dat ook met hun ouders. Het is wel een dure grap, maar het is het waard voor mij.

Ook gingen we iedere zondag zwemmen. Of heel simpel de tafelschikking veranderen, en ieder in overleg een nieuw plekje laten kiezen. Ik vind het belangrijk dat mensen de ruimte krijgen om zelf te kiezen en te ervaren. Ik kan met alle soorten deelnemers werken, behalve met verslaafden die niet willen afkicken. Omdat dit te moeilijk is voor de andere cliënten. We zijn een groei-boerderij, waar ieder op eigen niveau mee kan doen. Als mensen niet willen groeien, dan past het niet.”

Vanaf het begin zette Franca zich in om een basiskwaliteit vanuit de sector te garanderen. Ze begon met andere zorgboerderijen samen te werken aan een kwaliteitssysteem. “In het begin trokken we samen met enkele andere zorgboerderijen een pilot en legden zo een basis. Mijn medewerker Marlojein Duenk-Roelofs was destijds stagiaire en schreef samen met mij in zes weken tijd alles op. Daarna is er nog veel aan toegevoegd.”

Franca is altijd bewust geweest van de noodzaak vanuit het hart te werken, en van een verantwoorde manier van het spenderen van gemeenschapsgeld. “In het begin werd ik veel bezocht door anderen die ook een zorgboerderij wilden beginnen. Ik merkte aan de vragen al snel of het om de zorg ging of om de extra inkomsten. Sommigen vroegen rechtstreeks ‘Hoeveel heb jij er?’ Op basis van alleen het PGB is er wat mij betreft te weinig controle naar de kwaliteit van de zorg. Toen het PGB ongecontroleerd geld gaf aan familie van deelnemers, was het hek helemaal van de dam. Toen zag ik dat er nieuwe auto’s e.d. van zorggeld werden gekocht. Het is goed dat het nu via sociale verzekeringsbank SVB  gaat, maar aan de kwaliteitscontrole van de zorgboerderij kan nog steeds wel wat verbeteren. Stel alsjeblieft een keurmerk verplicht, die is er niet voor niets. Het is ook onterecht dat sommigen al veel moeite doen voor een kwaliteitssysteem, maar in sommige gemeenten administratief net zo behandeld worden als zorgboeren zonder keurmerk.”

Kwaliteit is dus de ene grote zorg van Franca, voldoende inkomsten voor de zorglandbouw de andere. “Zorgondernemer zijn is een van de lastigste beroepen die er zijn. Je hebt heel veel verplichtingen, en terecht, maar aan de andere kant is je inkomen niet gegarandeerd. Alles is eigen risico, en vergoedingen zijn steeds minder toereikend. In instellingen zie je dat mensen zelf voor hun drinken en koekjes moeten betalen. Daar wil ik ver van blijven. Maar met de dagvergoeding van nu is het wel heel moeilijk rondkomen. We hebben een iemand in dienst volgens een vast salaris, maar voor ons is het altijd afwachten wat er onder de streep overblijft. Ik zeg: geef zorgboeren die volgens een erkend kwaliteitssysteem werken een gegarandeerd inkomen. Zo organiseer je betaalbare, kwalitatief goede zorg dichtbij huis waar ook nieuwe mensen weer in willen stappen.”

Tja, hoe zit dat met Klaterspeel, is er opvolging? “Ik weet mensen die het goed zouden kunnen overnemen, maar de kosten zijn te hoog om het uit een zorgsalaris te betalen. Daarbij wil ik wel mensen met het hart op de juiste plek. Dat vind ik heel belangrijk. Onze eigen kinderen helpen waar ze kunnen, maar kiezen niet om op te volgen. We zoeken dus nog een zorgboer of boerin met een gouden hart en vaardigheden, en financiële draagkracht.”