Terug naar Actueel
  • Nieuws

Er lijkt een golf van bedrijfsopvolging gaande. Zorgboerderijen die in de jaren 80 zijn opgezet, zijn nu bijna allemaal aan overname toe. Dat is niet altijd eenvoudig. Vaak is de zorgboerderij gelieerd aan een echte boerderij en zijn er dus meer takken over te nemen. Overdracht binnen de familie gaat vaak makkelijker dan buiten de familie, maar niet zelden moeten oude pijnpunten eerst uitgepraat worden. En nieuwe opvolgers moet je eerst leren kennen. De Federatie Landbouw en Zorg organiseerde hierover voor aangesloten zorgboeren 9 december een webinar, de presentatie is hier te vinden.  

Die potentiële opvolgers zijn er gelukkig best wel. Ze melden zich bij regionale verenigingen of bij de Federatie of bij een van de platforms voor bedrijfsopvolging. Het aanbod is minder goed in beeld. 

Maria van Boxtel, van adviesbureau Land & Co en vraag en aanbod site Landgilde, begeleidt met name biologische zorgboeren in hun opvolgingsprocessen. “Er zijn best veel zorgboeren bezig met hun opvolging, maar niet iedereen zegt het hardop.”

Dat hardop uitspreken is volgens Maria wel belangrijk voor een succesvolle warme overdracht. “Het duurt soms wel tien jaar voor er een geschikte opvolger is gevonden – je oude stagiair, je bedrijfsleider, iemand van buiten die je nog moet leren kennen. Het proces van overdracht duurt drie tot vijf jaar, maar als een opvolger buiten de familie wordt gezocht, is er grote kans dat het nog een keer mislukt. Dus ik zeg: begin op tijd.”

Platforms

“Wij hebben daarvoor het platform Landgilde. En er is het NAJK platform Boer zoekt boer. Natuurlijk kun je ook kiezen voor ‘koude’ verkoop, dan zet je je bedrijf op funda. Voor een warme overdracht is het gebruik van een van de platforms handig. Je hoeft daarvoor niet meteen met een advertentie op de website, de meeste bemiddeling gebeurt achter de schermen. We werken dan met de vragen uit onze Routekaart Bedrijfsovername, zodat je geen punten overslaat. Bijvoorbeeld: willen je kinderen alsnog een rol in het bedrijf? En wie gaat waar wonen?” 

Maria heeft het afgelopen jaar enkele zorgboerderijen aan een opvolger geholpen. Dat is best goed te doen. “In de zorglandbouw zie je dat het benodigde kapitaal vaak minder is dan bij bijvoorbeeld een grootschalig akkerbouwbedrijf, terwijl de inkomsten veelal best goed en stabiel zijn. Daar houden banken van.” Wel is het een uitdaging voor startende zorgboeren met de juiste kennis en ervaring te beginnen. “Het is geen gemakkelijk beroep. Je hebt zowel een goede opleiding in zorg én landbouw als affiniteit nodig.”

Wat een uitdaging is, is om iedere tak te voorzien van een geschikte opvolger. “Je ziet toch dat vaak de man de boer was en de vrouw de zorgboerin.  Bij de opvolgers is het dan ook wenselijk als een stel het roer overneemt.” Lachend: “Zodat de vrouw de koeien gaat melken, terwijl de man de zorgtak gaat draaien.” Dat is niet altijd tegelijkertijd. “Je kunt ook eerst de zorgtak overdragen en dan later de landbouw.” Volgens Maria gebeurt het ook regelmatig dat instellingen de zorgboerderij overnemen, en er een zorgboer in loondienst voor vinden. “Dat kan voor starters makkelijker zijn.”

Onder de tafel

Net als Maria kijkt ook Lianne Veenstra van Veenstra agrocoaching goed naar de personen om wie het gaat. Lianne: “Ik begeleid bedrijven naar overname door te kijken wat er onder de tafel leeft. Boven de tafel gaat het om cijfertjes, maar wat onder de tafel speelt is vaak belangrijker. Zowel met overdracht binnen als buiten de familie. Wat wil iedereen? Enerzijds zijn dat financiële afwegingen, anderzijds is er vaak emotionele binding met een boerderij. Als een boerderij wordt overgenomen door iemand met eenzelfde visie helpt dat. En nog eens terug mogen komen helpt ook. Je hebt juridisch eigendom, maar ook psychologisch eigendom. Dat kan bij zorgboerderijen een heel grote rol spelen.” 

Ook Lianne adviseert tien jaar de tijd te nemen om dit soort processen zorgvuldig te kunnen doen. Zeker bij bedrijven met meer takken. “Soms gaat de overname daar trapsgewijs. Dat een bedrijf in stukjes wordt opgedeeld en opvolging beetje bij beetje gebeurt.”

Zorgboerderij gaat over naar zoon en schoondochter

Conny van Herwijnen van De Witte Schuur in Culemborg is volop bezig het bedrijf van haar en haar man over te dragen aan haar zoon Frans en schoondochter Sanne. “Daar waren we wel blij door verast. Ze hadden allebei een dikke baan met een prima salaris binnen 40 uur werken. Nu gaan ze naar een bedrijf met minder inkomsten en meer werk. Maar het is wel eigen, zeggen ze, dat maakt blijkbaar een groot verschil.”

Conny is 58 en haar man 61. Zoon Frans werkt al zijn hele leven in het weekend op de zorgboerderij, de laatste vier jaar daarnaast 1 dag per week extra, naast zijn baan als technisch projectleider, en sinds september heeft hij zijn baan helemaal opgezegd. Sanne werkt al twee jaar alleen voor de zorgboerderij. Conny: “Zij was docent mondzorg op het HBO, en had dus al affiniteit met de zorgwereld. Zij is nu kwaliteitsmedewerker.”

Conny is tevreden over de ontwikkeling tot nu toe. “We zijn de laatste tijd mooi gegroeid, geprofessionaliseerd en we hebben met de accountant goede gesprekken gehad over de overname. Doordat de kinderen al een tijd meedraaien, hebben ze al wat opgebouwd. Wij kunnen straks met pensioen en ook de andere kinderen zitten op hun plek. We hebben steeds gekeken naar wat een ieder nodig heeft en dan is er genoeg.”

Webinar en enquête kengetallen

Omdat bedrijfsopvolging voor veel zorgboeren een thema is en we geen Dag van de Zorglandbouw hebben om er aandacht aan te besteden, organiseren we voor de liefhebbers een webinar op 9 december van 10-11 uur via Zoom, met Maria van Boxtel van Land&co en vraag en aanbod koppelplaats Landgilde. Hier kunnen globale vragen gesteld worden en zal Maria een paar opgedane inzichten delen. Op deze manier willen we helpen het onderwerp op de agenda van zorgboeren te krijgen. Ook staat er in de KwApp bij het Jaarverslag een link naar een enquête over kengetallen. Als we die als zorglandbouw beter in beeld hebben, kunnen opvolgers makkelijker aan de slag.